Ontdekking: sporen uit 1900 in een werkplaats van de MIVB!

Tijdens de bouw van de werkplaats Kuregem in 1900/1901 is een deel van de eerste verdieping voorzien van sporen. Deze minimaal vijf sporen van elk ongeveer 18 meter lang waren in gebruik voor werkzaamheden aan aanhangwagens. Deze wagens werden verplaatst door middel van een systeem van rijdende bruggen: op het gelijkvloers liet een kleine rijdende brug toe om voertuigen tussen de verschillende werkposten te verplaatsen. Achteraan in de hal werden de rijtuigen op een hydraulisch aangedreven hijsbrug gezet, die de rijtuigen naar de verdieping bracht. Daar werd het aanhangrijtuig dan naar de juiste plek gebracht. Op de eerste verdieping sloten beweegbare panelen het rechtse deel van het atelier af, het linkse was permanent afgesloten.

Atelier Cureghem 1900

De vloer van de werkplaats lag lager dan de rails. Zo bleef de gleuf van de rails vrij van vuil. De basis van deze rails was 78 millimeter, ze waren 98 millimeter hoog, met een gleuf van 6 millimeter. De vloer was in glad en ondoordringbaar beton, gegoten op gewelven. Eén spoor lag in een aparte ruimte voor werkzaamheden in een stofvrije omgeving.

Tussen eind 1941 en 1942 is de werkplaats Kuregem sterk verbouwd en gemoderniseerd. De ingang ter hoogte van het nummer 54 in de straat werd afgesloten en toegemetseld. Alle in- en uitritten gebeurden voortaan via het nummer 56. De sporen die loodrecht op de straat stonden zijn vrijwel allemaal uitgebroken. De nieuwe sporen, toegankelijk via wissels, lagen bijna allemaal evenwijdig met de straat. De vier sporen rechts in de hal werden behouden en waren voortaan toegankelijk via bochten en wissels. Het glazen dak verdween en er kwam ter hoogte van de eerste verdieping een nieuw dak, een boogdak gegoten in beton met glazen tegeltjes. Muren met ramen vervingen de vaste en beweegbare panelen. De sporen op de bovenverdieping bleven echter liggen, hoewel er in de ruimte rechts een nieuw werkatelier werd gevestigd. Bij de doorgangen werden delen verwijderd met een brander. Maar op de werkplekken werden planken gelegd om het niveauverschil tussen de betonnen vloer en de sporen te overbruggen.

Atelier Cureghem 2016

Terzijde merken we op dat er na de verbouwingswerkzaamheden in 1942 een achthoekig horloge werd opgehangen in de refter. In december 1986 hing de klok er nog steeds, en werd ze ook nog steeds elke vrijdagochtend gepoetst en teruggehangen!

Eind 1985 zijn de sporen uit het begin van de twintigste eeuw eindelijk weggehaald, en is er een nieuwe betonlaag gegoten. Dankzij de medewerking van het personeel hebben we gelukkig een stuk van 30 centimeter kunnen bewaren, waarop “Angleur 1900” vermeld staat.